Voor veel spelers betekende de World Cup in eigen land het laatste grote toernooi van hun hockeycarrière. En hoewel een vijfde plaats een verbetering is ten opzichte van de prestaties van de laatste edities - achtste in Hobart in 2001, zevende in Milton Keynes in 1997- hadden ze graag voor de medailles gespeeld.
Het werd dus een vijfde plek voor Oranje. Duitsland kon in de strafballenserie niet opboksen tegen de keeperskunsten van Jaap Stockmann. De strafbal van Duitser Benjamin Wess - de negende in de serie - dook de lange keeper kunstig uit de goal. ‘Maar je wordt er geen kampioen mee', luidde de cynische opmerking van Stockmann. ‘Maar natuurlijk is het wel lekker dat je vijfde wordt. Dat is toch een groot verschil met achtste.'
Verrassend staartje
Stockmann had zijn zinnen gezet op de halve finale. Evenals de rest van het Oranjekamp. ‘Daar gingen we voor. En als je dat niet haalt, is dat teleurstellend. Maar vijfde is toch netjes als je kijkt naar het verleden. We kunnen best trots zijn op onze prestatie.' Voor de keeper kreeg de World Cup zelfs nog een verrassend staartje. Hij kreeg namelijk in de kleedkamer een uitnodiging van Roelant Oltmans voor het grote Oranje. Ook Nick Meijer en Robert van der Horst werden weer bij de selectie gevoegd.
Gematigd tevreden
Thijs Maartens, die op basis van zijn sterke optreden tijdens de play-offs op het laatste moment aan de selectie van bondscoach Michel van den Heuvel werd gevoegd, is ook gematigd tevreden met het behaalde resultaat. ‘Op zich is het wel goed, maar als je ziet welke teams er in de finale staan en wat voor hockey zij spelen, dan had er achteraf meer ingezeten. We hebben het in de poule laten liggen.'
Resultaten
Maar Oranje heeft volgens de sterke verdediger ook resultaten geboekt. ‘We hebben een aantal wedstrijden puur op fysieke kracht gewonnen. Zo hebben wij Korea, dat toch bekend staat om zijn goede conditie, er fysiek afgehockeyd. Dat is onze winst geweest van dit toernooi', aldus Thijs Maartens. Maar afscheid nemen met een vijfde plek doet toch pijn. Van uitzinnige vreugde was niet echt sprake na de zege op Duitsland. (MdG) |